Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

slachtoffers. Na eene hardnekkige verdediging moesten de Por-

tugeezen de stad overgeven.

Sinds dien tijd geraakte de kaneelhandel, die buitengewoon groote voordeelen kon opleveren, in de macht der Oost-Indische Compagnie.

Achtereenvolgens werden nu alle sterkten der Portugeezen op Ceilon en de tegenover gelegen kust van Coromandel, waaronder het belangrijke Negapatnam, door Van der Laan en Rijklof van Goens veroverd. Radja Singa, niet tevreden met het deel der veroveringen, dat hem was gelaten, vorderde volgens een vroeger met de Nederlanders gemaakt verdrag pok Ngombo en Colombo. De Compagnie weigerde ze echter af te staan, wegens de belangrijke sommen gelds, die hij haar schuldig was. Zoo bleven deze steden in de macht der Nederlanders, die van Colombo hun hoofdzetel op Ceilon maakten.

Van der Laan, inmiddels naar Batavia teruggekeerd, werd aldaar benoemd tot bevelhebber eener onderneming tegen den Sultan van Palembang met wien de goede verstandhouding in 1657 geheel verbroken was, daar hij twee Nederlandsche schepen op de verraderlijkste wijze had doen uitmoorden en plunderen.

Met eene vloot van 13 schepen onder zeil gegaan, verscheen Van der Laan in November 1659 voor Palembang en nam na een hardnekkigen strijd deze stad in. De Sultan zag zich daardoor genoodzaakt tot een verdrag, waarbij hij de stichting toestond van een lort op den linkeroever van de Moesi en nieuwe toezegging deed tot levering van peper.

Een niet minder voordeelig verdrag werd in ditzelfde jaar met den Sultan van Bantam gesloten. Het vredesverdrag van 1645 had zoo weinig uitgewerkt, dat de onveiligheid in het betwistbare gebied van Ontong Java en de Tji-Dani zoowel te water als te land bijna ondraaglijk werd. Bantamsche benden liepen de ommelanden van Batavia af, stroopende en moordende; protesten noch opeischingen mochten baten.

»Èen oogenblik scheen het alsof er verbetering in dien toestand komen zou. De vrede van 1645 werd vernieuwd; Sul-

Sluiten