Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

diens belofte van vijandig tegen Soerapati te zullen optreden. Deze werd echter, waarschijnlijk ten gevolge van zijne vriendschappelijke gezindheid jegens de Compagnie en door toedoen der regenten van het nabijgelegen Bali, van het leven beroofd, waardoor de jongste zoon op den troon geplaatst werd. Het gevolg hiervan was, dat alle betrekkingen met Batavia weder werden afgebroken en eene vreedzame regeling der grenzen tusschen het gebied van Soerapati en het rijk van Balemboang tot stand kwam. Eindelijk werd ook deze jongste prins door een inval der Balische Gusti's x) van Badong en Mangoei, dien zij in 1697 in vereeniging met een bende Makassaren op Java's Oosthoek ondernamen, van den troon gestooten en door een Balischen prins vervangen.

Sedert kon Balemboang als een wingewest van Bali beschouwd worden. De Regeering te Batavia verklaarde de bevolking van den Oosthoek van Java tot vijanden, met wie hare onderdanen alle gemeenschap mijden moesten; en die verhouding duurde voort, totdat zij in de tweede helft der volgende eeuw tot een expeditie tegen Balemboang besloot.

Alles samengenomen zag de Hooge Regeering te Batavia zeer goed in, dat het bij de toenemende macht van Soerapati en de vijandige gezindheid van Balemboang en den daaruit voortvloeienden nadeeligen invloed op Makasser, Madoera, zoomede op Soembawa, Borneo en andere tot dusver goed gezinde rijken, van het hoogste belang was met den Soesoehoenan van Mataram op goeden voet te komen. Maar het wantrouwen, dat zich sedert het verraad in de hofplaats van Mataram van haar had meester gemaakt, stond haar steeds in den weg om de haar herhaaldelijk aangeboden hand der verzoening aan te nemen; en dit temeer daar de Soesoehoenan, bij al zijne aanzoeken om hulp tegen Soerapati, nooit repte van afdoening zijner schuld of ernstige pogingen aanwendde om tot regeling der hangende quaesties te geraken.

Allengs deden zich echter omstandigheden voor, die dat

*) Titel der Balische koninkjes.

Sluiten