Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

terstond bereid vrede te sluiten en traden zelfs op als bemiddelaars tusschen de Hollanders en Mir Jaffir. De Oost-Indische Compagnie zag zich nu genoodzaakt allerlei vernederende voorwaarden te laten welgevallen om hare kantoren in Bengalen te behouden en eene aanzienlijke schadevergoeding te betalen. Van dat oogenblik af werden ook hare overige bezittingen in Vóór-Indië door de inlandsche vorsten telkens bedreigd, op aansporing der Engelschen, die aldaar geheel de macht in handen kregen, zoodat zelfs de Hooge Regeering alleen door hunne tusschenkomst met de inlandsche vorsten kon onderhandelen.

Ook op Ceilon waren moeielijkheden ontstaan, die echter voor ons een gunstig verloop hadden. Ontevreden over de geringe voordeelen, welke de inlanders van de voortbrengselen van hun land genoten, terwijl de Nederlanders de grofste winsten van den handel in kaneel en olifantstanden behaalden, was het in 1760 in het Zuiden des eilands tot een openlijk verzet tegen het gezag der Compagnie gekomen, een verzet, dat door den keizer van Candia bedektelijk gesteund werd.

Al dadelijk werden belangrijke voordeelen door de opstandelingen behaald. Eene Nederlandsche strijdmacht werd verslagen, de bezetting van Batticalo tot ontruiming dier vesting gedwongen en Negombo zelfs bedreigd.

Eerst toen de Gouverneur Schreuder, in het laatst van 1761, door den doortastenden Baron Van Eek vervangen was, namen de zaken een gunstiger keer. Al wie zich tegen de Nederlanders verzette werd onderworpen en zelfs de Keizer niet ontzien. Evenmin stoorde zich Van Eek aan de dreigende taal van den Engelschen Schout-bij-nacht Cornish, die in 1762 met een eskader in de baai van Trinkonomale verscheen. Vooral toen hij versterking uit Holland had ontvangen, zette hij den oorlog krachtig door. Een eerste tocht ter verovering van Candia, om daardoor den keizer tot het aannemen van den vrede te dwingen, mislukte. Een tweede tocht was daardoor noodzakelijk geworden en deze slaagde beter. De hoofdstad Candia werd in 1765 door de Hollanders veroverd en aldaar een rijke buit behaald. Ongelukkiger wijs stierf Van Eek eenige weken later,

Sluiten