Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

geerina aanvaarden en het Rijk van ons gouvernement in leen ontvangen zou. Zijne inkomsten zou hij trekken uit de voortbrengselen van den grond, terwijl het Gouvernement de in- en uitgaande rechten, de pachten enz. zou innen, en door den resident toezicht zou doen uitoefenen op de rechtspleging.

Den 9den Mei van 1821 vertrok de legercommandant Merkus de Koek van Batavia, met een vloot van 18 oorlogs- en 14 transportschepen, bemand met 2600 matrozen, waarvan 1200 Europeanen, terwijl de troepen 1780 man telden. De vloot stond onder bevel van den Schout-bij-nacht Lewe van Aduard. Den J 2den juni kwam de expeditie voor de batterijen aan de Pladjoe en op het eiland Gombora, die zoo mogelijk nog sterker waren gemaakt dan te voren en de nadering tot de hoofdplaats beletten. De eerste aanval, den 208ten Juni ondernomen, mislukte, doch op den 24aten Juni werden de batterijen van het eiland Gombora stormenderhand vermeesterd. De kapitein Gey van Pittius bemachtigde daarop de batterijen aan de Pladjoe, zoodat de oorlogsschepen gelegenheid hadden om naar Palembang op te zeilen. Ofschoon den Sultan zijn versterkte kraton nog overbleef, ontzonk hem de moed. Zoodra de schepen voor de stad verschenen, opende hij onderhandelingen tot onderwerping, die eindigden met onvoorwaardelijke overgave. Zijn kraton werd door de onzen bezet en hij zelf, met zijn gezin den 4den Juh aan boord van een der oorlogsschepen gebracht, naar Batavia opgezonden, vanwaar hij naar het eiland Ternate werd overgevoerd. Meer dan 200 stukken geschut vielen in onze handen, terwijl met de later in den kraton gevonden schatten de oorlogskosten ruim konden gedekt worden. Badroe'd'din werd voor immer vervallen van den troon verklaard en Nadjmoe d dins zoon onder den naam van Ratoe Ahmed Nadjmoe d din als Sultan erkend. Ons verlies was groot; behalve door de cholera, die gedurende den tocht onder de land- en zeemacht talrijke offers geeischt had, hadden wij 100 dooden en 200 gekwetsten; maar het doel was bereikt, onze eer gewroken, ons gebied op Sumatra opnieuw in Palembang bevestigd.

Reeds het volgend jaar (1822) bleek, dat de overeenkomst

Sluiten