Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DS EN MEVROUW DE BRUIJN

in 35 jaar gingen zij met verlof naar Holland, ook omdat het voor de gezondheid van Mevrouw noodig was. Met binnenlandsch verlof naar Java zijn ze nooit geweest. Mevrouw heeft ons eiland na de terugkeer uit Holland in 1905 niet meer verlaten en Ds de Bruijn slechts eenmaal. Wat voor hen alleen vanzelf sprak, was, dat zij op Soemba waren en daar de hun toevertrouwde taak volbrachten, zoolang als hun Zendei het hun vergunde. Verlof viel voor hen nu eenmaal buiten hun gewonen gedachtengang. Maar denk nu niet, dat Ds en Mevrouw de Bruijn door hun langdurig verblijf in Indië Holland langzamerhand waren afgestorven. Want het is opmerkelijk, hoe juist zij op Soemba altijd dezelfden gebleven zijn, die zij waren, toen zij voor de eerste maal op Soemba kwamen; hoe sterk zij meeleefden met alles, wat het Vaderland betrof en hoe zij gewoonlijk beter dan iemand anders op de hoogte waren van wat daar, vooral in onze kringen, omging. Maar toch was Soemba het eigenlijke land hunner woning geworden krachtens roeping, dat zij niet dan uit noodzaak weer zouden verlaten.

En Ds en Mevrouw de Bruijn, dat voelde ieder, werden bij die opvatting door zulke hooge en persoonlijke motieven geleid, dat niemand er ook veel tegen inbracht, als het onderwerp, wat zelden gebeurde, eens ter sprake kwam. Bij zulk een hooge opvatting voelde niemand van ons het zelfs als onbillijk, dat wij jongeren maar weer eerst met verlof gingen en dat Ds en Mevrouw de Bruijn steeds maar weer bleven. Verwondert het u nog, dat de Zendingskring op Soemba zich reeds begon te gewennen aan de gedachte: Ds en Mevrouw de Bruijn èn Soemba zijn niet meer te scheiden, tenzij door den dood?

En nu zal het er toch nog van komen, indien de Heere het voornemen zegenen wil. Vraag niet, wat het hunzelf gekost heeft, eer zij er toe konden besluiten en wat het hun nog kost, om het zich in te denken en de noodige schikkingen er voor te maken.

Maar Ds de Bruijn zelf meent, dat na de ziekte, die Mevrouw twee jaar geleden overviel en waarvan zij gelukkig herstelde, het koelere Hollandsche klimaat voor haar gestel beter zal zijn dan het warme Soemba en de dokters zijn het met hem eens.

Nu het dan zoo beslist is, hopen we van harte, dat Ds en Mevrouw de Bruijn hun wensch voorspoedig vervuld mogen zien. Maar hoe zullen we hen missen! De gezellige pastorie te Kambaniroe zal leeg staan! Van het Westen met de boot te Waingapoe komende, zullen we niet meer door Ds de Bruijn, aan boord reeds, of aan den pier verwelkomd worden. Want wie dan ontbrak, Ds de Bruijn nooit! Hoe zullen de Savoeneezen, en niet alleen de Christenen, zich verweesd voelen! Wat hebben ze veel met elkaar doorleefd, al die jaren en hoe hebben Christen en heiden, vooral in moeilijke

Sluiten