Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Java. Die cultuur moest worden vrijgemaakt. En het rtfk dat den riviermond beheerschte, moest dus worden stukgeslagen.

Maar wat al schoonheid moet daarbij vernield zijn! Al die tuinen, die gebouwen, al die hooge, slanke poorten! We stonden, de heer Pont en ik, in een vrij dorre wildernis, waarheen, langs kronkelige karrewegjes en soms door een kali heen, zy'n kleine Peugeot ons had gebracht. Hij wees nuj, waar voorheen een groote vijver was geweest waarin de Hindoesche gebouwen weidsch zich spiegelden en waaromheen een gansch verschiet van hooge poorten moet hebben weggeweken. Welk een macht en majesteit, welk een cultuur en wat niet al historie liggen daar nu begraven onder het ruige veld! Ik dacht aan Omar Khayyam's verzuchting:

Iram indeed is gone with all its rose,

And Jamshyd's sev'n-ring 'd cup where no one knows;

And Bahram, that great hunter — the wild ass Stamps o'er his head, and he lies fast asleep.

En ook aan zijn strenge, onverbiddelijke waarheid over elken tijd en elke beschaving, die zich trotsch voelt in het Heden: „And we, that now make merry in the room They left, and summer dresses in new bloom, Ourselves must we beneath the couch of earth Descend, ourselves to make a couch — for whom?" Het is de wreede waarheid van den Prediker (de h a 1 v e overigens slechts voor wie dit leven maar een schaduw vindt uit andere levenssfeer).

Maar een vermaning ook. Om het Verleden met zooveel piëteit te eeren als waarop het Heden hoopt. Ook Regeeringen moeten dat verstaan.

S.8. „Melchior Treub", 4 Juni.

Soerabaya heb ik bekeken van binnen en van buiten. Ook van boven. Ik ben in de gelegenheid geweest, het Marine-vliegter-

11 Reisbrieven

Sluiten