Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Ze vergaten dat ze huis en land en vee, evenals groenten, aardappelen, melk, boter en kaas alles zelf hadden. Ze dachten er niet aan hoeveel zij wel per jaar verteerden, omdat ze nooit boek hielden van iets.

Lien Ronda had het al lang opgegeven 't hun duidelijk te maken dat ze zuinig van haar salaris leven moest. Wanneer er nu en dan eens een aanmerking over werd gemaakt zweeg ze liever; het hielp toch niets.

De kinderen hadden de schrijfoefening af. Ze zuchtten van vermoeidheid en van de warmte.

„Wat scheelt er aan Riekje?" vroeg Lien. ,,'k Bin zoo waarm!" klaagde 't kind.

„Nou, leggen jelui dan de leien maar weg. Een, twee, drie! We zullen eens wat zingen. Kom, 't versje van „drie kleine kleutertjes".

Even gaf ze den toon aan en daar galmde de klas er op los. Ü 't Klonk heelemaal niet zooals Lien 't graag zou hooren.

Wat had ze al niet geprobeerd om de kinderen wat beter op toon en wat beschaafder te leeren zingen, 't Gaf niets.

Ze lijsden steeds weer op de oude manier.

„Hoor nou weer eens", dacht ze.

— Drie kleine kleutertjes.

Die zaten op een hek,

Op een waa-har-men daag in September, — j

Verveeld en loom sloeg Lien Ronda de maat. 't Was bijna niet meer uit te houden. Enfin, nog een oogenblikje en dan was het vier uur.

Hè, heerlijk om straks thuis te zitten in haar eigen frissche kamer. Daar kon ze uitrusten van 't vermoeiende staan voor de klas.

Een opgeruimde trek kwam op haar knap gezicht, en met meer vriendelijkheid tegen de kinderen bracht ze het lesuur ten eindeToen vlug naar huis, waar vrouw Lammerts bedrijvig bezig was omdat „juffer doalijk thuus zou komen."

Lammerts, die een koe en een paar schapen op stal had en 'n paar gespaarde duitjes op de bank in de stad, liep met de handen

Sluiten