is toegevoegd aan uw favorieten.

De burgemeester hulp-officier van Justitie

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

opgenoemd in art. 8 van het Wetboek van Strafvordering, zoo zullen zij toch goed doen hier te denken aan een verzuim van den wetgever en ze ook als voor hen geschreven te beschouwen.

Soms zal niet inachtneming dier voorschriften volstrekte nietigheid tengevolge hebben. Uit het proces-verbaal moet toch blijken, dat het uitgaat van een tot het opmaken daarvan bevoegd ambtenaar. Dit kan niet wel anders blijken dan dooide onderteekening. 1) Hetzelfde geldt voor doorhalingen en renvooien; tenzij door den verbalisant goedgekeurd en geparapheerd, zal niet vaststaan, dat ze van hem herkomstig zijn en zullen ze dus als niet gedaan moeten worden beschouwd.

Het kan gebeuren, dat een verbalisant een gehoord persoon verkeerd begrijpt of diens verklaring gebrekkig teruggeeft; wanneer het opgeschrevene wordt voorgelezen aan hem die de verklaring aflegde, zal hij gelegenheid hebben daarin verbetering te doen brengen. Het kan ook gebeuren dat de gehoorde persoon later op zijne eerste verklaring terugkomt; geschiedt dit te kwader trouw, dan zullen de omstandigheden, dat uit het proces-verbaal blijkt, dat zijne eerste verklaring hom is voorgelezen dat hij daarbij heeft volhard en zijne handteekening daaronder ernstige beletselen voor hem zijn bij zijne pogingen om de waarheid te verdraaien. Bovendien de rechter moet om te kunnen veroordeelen ook door het bijgebrachte bewijs krijgen de overtuiging van des verdachten schuld. Het spreekt van zelf, dat hij, wanneer een ver-

(1) De verbalisant behoeft het proces-verbaal echter niet zelf te hebben opgesteld of geschreven. Arrest II. R. 28 Februari 1887(\V. v. h. R. 5408). /Cie ook arrest II. R. 23 Mei 1892 (\V. v. li. R. 6193) eu 20 Maart 181)3 (W. v. h. R. 6320).