is toegevoegd aan je favorieten.

Proza, 1837-1845

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

(Zich omkeer en 'Ie en Mr. de Montlucar gewaar wordende.) Ziedaar nog een gast!

I )c vonk is gevallen, maar de ontploffing volgt niet oogenblikkelijk; Scribe verzuimt geene gelegenheid den would-be genius ten toon te stellen, die geen staatkundig persoon meer is, die zijnen roem niet op de tribune wagen wil, die zoo gelukkig was in zijne huiselijke rust, en die zelt eene prijzende beoordeeling van zijn werk gat. Het blijkt, dat hij des Ilouseanx, Dutillet en den geneesheer reeds om liunne stem heeft verzocht; de laatste stelt Edmond aan hem voor; zie hier het herkennings-tooneel:

Mr. de montlucar.

Hoe mijnheer! gij hier?

edmond.

Ik zoude u dezelfde vraag kunnen doen... gij, die zeidet, geen lust te hebben d é p u t é te worden . . . die niemand om zijne stem pleegt te verzoeken ....

Mr. de montlucar.

Ik heb uw voorbeeld gevolgd. (Tot des Rouseaux, die naast hem staat.) Mijnheer is een liberaal en hij kwam een legitimist om zijne stem verzoeken.

edmond (tut Osear. die naast hein staat).

Mijnheer is een legitimist en hij vraagt der gansche wereld hem bare stem te geven.

Bernardet komt tusschen beide; hij is de camarade par excellence, en toont aan. hoe verkeerd Edmond en de Montlucar zouden handelen, indien zij om hunne verschillende staatkundige kleur niet elkander braken. Het Bentgenootschap heeft er volgens hem belang bij, dat het keizerrijk, het gemeenebest en het koningrijk, dat alle partijen in hunnen kring worden vertegenwoordigd, opdat zij bij alle partijen