is toegevoegd aan uw favorieten.

Proza, 1837-1845

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

uitkomen, on die, terwijl hij ziel! ter zijde van Bi-ommetje op eenen boomtronk plaatste, den breed geronden l.oed van geel stroo uit de oogen schoof. Zoo ik u in vertrouwen toefluister, dat hij een jongeling van smaak was, dan heeft hij geen blank gezigt, geene blonde haren, geene fletse, bloouwe oogen, maar een bruin gelaat en zwarte lokken, en donkere kijkers vol vuur en geest. Wie, die deze mist, en er niet gaarne allerbespottehjkst uitziet, zou zich aan dien zuidelijken tooi durven wagen, welke door zeven achtste onzer zomerdagen gegispt wordt? De linkerhand van mijn vriend liefkoosde een reusachtig grooten hond, op wiens zilveren halsband men in het Jonkheer, dat den naam des eigenaars voorafging, het bewijs van zijnen'adel las. De edele lijnen van Alberts gelaat weerspraken die lmoge geboorte niet. In Duitschland ware hij op het eerste gezigt met een L u e r G n a cl e 11 begroet.

Er is dikwijls geklaagd, dat het de voortbrengsels onzer hedendaagsche schilderschool aan poëzij ontbreekt: ik heb opgemerkt, dat onze jeugdige volgelingen van Apelles dit gebrek trachten te vergoeden door er zoo poëtisch mogelijk uit te zien. Als ware aan het dragen eener muts, zoo als Rembrandt er droeg, het bezit van een talent als het zijne verknocht, plooit de ijdelheid van den onbeduidendsten beuzelaar in verwen zich zwart fluweel 0111 den schedel. Als bestond de vrijheid van den kunstenaar in het schenden van de wetten deiwellevendheid en de gebruiken der maatschappij, leggen do knoeijers in de kunst, gespoord, een bezoek bij u af. en treden zij met knevels in liet burgerlijk leven op, schoon hun zwaard even ver te zoeken is als hun paard. Mijn vriend droeg noch liet een, noch het ander; geene muts op zijn Rembrandtsch, geene sporen te voet, geene knevels in vredestijd, zelfs geen golvende haren, niet eens een naakten hals. Hij zag er zoo min bijzonder uit, als gij of ik het doen; slechts zijne oogen