is toegevoegd aan je favorieten.

Avonturen als straatmuzikant

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

met zekere amicaliteit, en dat „sergeant" scheen hem goed te doen. — „Comment ga va? Peut-on donner un petit concert li-bas?"

— „Wat zeit-ie?" vroeg de diender aan een jongmensch, dat naast

hem stond. . , • „

— „Ja, als ze zoo gauw Fransch prate, verstaan ik t met.

Wij herhaalden onze vraag en nu speelde het jongmensch voor

tolk. . , .

De diender keek bedenkelijk. Spelen ? Hier ? Sjonge, dat dacht-ie niet. Maar hij wou 't wel 's voor ons vragen.

En zoo liepen we dan achter hem aan naar de achterzij van 't huis, waar wij in een deftig kantoortje den directeur van het hotel in gesprek vonden met twee gasten.

We moesten wachten, werd er gezegd; en de veldwachter wachtte mèt ons; niet zoozeer, geloof ik, om ons gezelschap te houden, dan wel omdat hij het veiliger vond. Maar toch raakten we roet hem, zoo goed en zoo kwaad als 't ging in half-Fransch, half-Duitsch van onzen en drie-kwart-Hollandsch en een kwart-Duitsch van zijn kant, aan 't praten.

„Van de weech moessen u hier bleiven. Dan sind er nog

viele lieten. Viel geit.... Und folgende weech ist es hier kermis. Ook viel geit.... Maar nicht Zondag. Das mag nicht. Burgemeester will 't nicht hebben."

Wij knikten, begrepen 't wel; koeterwaalden terug, dat we den

volgenden dag weer in Amsterdam moesten zijn „Engagement.

Groszes Café".

„Jij verstaat ze zeker ook niet," zei de baanknecht van

zooeven, die erlangs kwam. „Ze bennen zoo net In de baan geweest. Maar ik verstaan geen Fransch. Ze speule aardig, 'k heb ze gehoord. Maar ze haalde beneje niet genoeg op."

— „Och," zeide de diender, „verstaan doe ik ze wel, zie je. Ik spreek zooveel van zu'ke zwerrevers. 'k Spreek Duitsch met ze. Ze komme hier permissie vrage om op 't terras te spelc. Maar dat zulle ze wel niet krijge, denk ik."

„En toch motte ze nog een aardige cent verdiene, zukke

lui. Anders zouen ze niét heelemaal van Frankrijk hier naar toe komme loope."

— „Gisteravond hadde ze anders niks meer. Ze hebbe bij ons op de wacht geslape. 'k Heb ze al gezeid dat ze de volgende week hier motte komme, met de kerremis. Dan kenne ze geld as water verdiene ...." .

't Gesprek tusschen de twee, waarnaar wij natuurlijk niet heetten te luisteren — we stemden intusschen onze instrumenten — werd afgebroken door de komst van den directeur, dien we nu, met onze hoeden in de hand zeer onderdanig naderden.

De directeur, die natuurlijk Fransch sprak, wou eerst niet veel van een concert op zijn terras weten. „De menschen zijn hier niet muzikaal," meende hij. Maar wij maakten hem bij wijze van tegenargument attent op pianomuziek, die uit een der zalen klonk. „Ja,