is toegevoegd aan je favorieten.

Reinaert de Vos

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

haar den prijs te willen stellen. „Reinaert," zegde zij, „het staat geschreven, al onder aan mijn achterste poot. Zijt gij wel geletterd en wilt gij het zien? ik late het u lezen." Toen wist ik reeds waar zij heen wilde en zegde: neen te goeder trouwe, vrouw merrie, het zou mij kunnen spijten: ik en ken geen letter zoo groot als een boom en begeere niet te koopen uw eenig kind. 't Is Isegrim die mij hier gezonden heeft en hadde geern geweten hoe 't met die zake gelegen was. — „Zoo, laat hem dan maar zelve tot hier komen," sprak zij. „Ik zal het hem wel wijs maken." Ik beloofde het te doen en in aller haast liep ik waar Isegrim te wachten zat. Ik zegde hem: Oom» wilt gij u zat eten aan het veulen, loop dan maar zeere tot bij de merrie: zij wacht u met eeren. Onder haren poot heeft zij de koopsom geschreven waarvoor zij het u laten wil. Zij wilde t mij zelve laten lezen, maar wat kon het me helpen want ik en kenne geen letter. Daarom draag ik 't verdriet in mijn herte dat ik ter schole niet en ging. Oom, wilt gij 't veulen koopen, kunt gij lezen gij zult het krijgen.

„Ai, mij, hoe zou dat gaan als ik niet lezen en kon," riep de wolf. „Ja, ik ken waalsch, dietsch, en latijn. In Leuven en Gent ben ik ter hoogschool geweest. Ook heb ik met oude wijsaards, vermaarde rechtsgeleerden, vragen gesteld en uitspraken gedaan en was ge'icensieerd in de rechten. Gelijk welke schriften men mij voorlegt kan ik lezen gemakkelijk als mijn eigen naam. Ik wil er naartoe loopen en ik rame dat ik op den stond de koopsom zal weten. Waartoe deugt gij Reinaert, dat gij noch lezen noch schrijven kunt?" Toen liep hij heen tot bij de merrie en liet mij alleen dat ik op hem wachten zoude en hij vroeg haar of zij wilde 't veulen geven of dat zij het houden wilde. Zij antwoordde: ,,De koopsom staat al onder aan mijn rechterpoot." — „Zoo laat mij zien dan?" Toen heeft