is toegevoegd aan je favorieten.

Waarheid en chimère

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hutten, huizen en paleizen, duizende woningen, kleine en groote, arme en aanzienlijke gebouwen staan op de onafzienbare vlakten en bergen, langs de rivieren en de zeeën verspreid, opeengedrongen in groepen, steen en bergen, machtige steden, woningen, waarin millioenen stervelingen zijn, en al die stervelingen weten hulpbronnen voor hun bestaan te vinden en hunne levenskracht te vergrooten, door een juist verband van onderlingen steun. Zoo leven zij allen, de zwakken en de sterken, gesteund door wetten, in natuur en eigen-natuur gevonden, volgens regelen, uitgedacht door den een, die, als meester, deze aan den ander leert. Ik ging tot hen allen, van den een naar den ander, en zag, dat ieder, met trouwheid en vriendschap zijn meester dient; ik zag, dat de sterke den zwakke leidt; en aan den zwakke te vragen, wie zijn meester is, kwam ik bij den sterkere, en zoo kwam ik van groot naar grooter, eindelijk bij u, o, machtige! met denzelfden wensch en hetzelfde verlangen. Wie is uw meester? Maar ik moet u verzekeren, en, ook gij, edele toehoorders, door de plechtigheid uwer aandacht, hem ongevraagd geschonken

„Ja! Aandacht!"

„Neen, meer dan aandacht!'