is toegevoegd aan uw favorieten.

Jeugd

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Zijn gezicht scheen verstrakt, zijn oogen stonden wijd-open, om den neus lagen diepe groeven, hij hield de lippen stijf op elkaar geklemd.

Langzaam liep hij de vier trappen op, werktuigelijk kleedde hij zich uit, liet zich op zijn bed vallen. Nu slapen.

Maar de slaap kwam niet: door zijn lichaam trok langzaam een gevoel van rust, maar ei bleef iets op hem drukken, de herinnering aan wat gebeurd was. Zijn hoofd werd helderder, gedachten kwamen.

Hij was zwak geweest, maar hij voelde zich niet schuldig: hij had niet anders gekund, hij was gezwicht voor een natuurlijken drang, zóó heftig, zóó albeheerschend dat alles ervoor terugweek. Maar toch, 't was alles zoo leelijk geweest, zóó min; hij had een gevoel van diepe schaamte gehad tegenover die vrouw toen hij haar betaalde. Alles betalen, alles alles, wat heeiliik mooi kon zijn, verleelijkt door geld!

En Leida.... ze was van hem weggevlucht... ze kon ook niet anders, dat begreep hij nu wel. Arme lieverd, hij voelde in eens een oneindig medelijden met haar, als ze zou weten wat hij gedaan had.

Maar zij, ze was ook niet meer dezelfde voor hem, ze had hem gevraagd, gesmeekt, zijn werk te veranderen

orn 't geld ....

Dat was laag geweest, dat paste niet bi] haar, ze had daardoor iets tusschen hen gebracht, iets onherstelbaars, iets wat hij nooit zou kunnen vergeten.

Maar langzaam begon hij helderder nog te zien. Was 't wel wonder, dat zij in de macht was van 'tgeld,