is toegevoegd aan je favorieten.

Mammon

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

't geluk dat nu komen ging; hij had zich niets te verwijten, kon al zijn gedachten aan Suze geven.

Voor Lina gingen de komende dagen voorbij in een dof gevoel van wanhoop, soms even terug gedrongen door de gedachte, dat misschien toch die menschen den jongen niet zouden willen hebben als de dokter een of andere kwaal ontdekte bij haar of 't kind. Dan voelde ze even een opleving van vreugde maar ze drong die terug; ze mocht dat niet verlangen, ze mocht niet. En uiterlijk, om Whn, hield ze zich goed; met hem was ze vroolijk, ze zong voor hem, bedacht allerlei spelletjes, die hem op deden schateren zijn lieven onschuldigen kinderlach, ze ging geen oogenblik van hem weg heel den dag. Alleen als hij sliep liet ze zich gaan op haar droefheid, verlangend haar leed uit te schreien; maar dan kon ze niet, ze zat maar stil te staroogen, met een gevoel van stikkende benauwenis. Dokter Verwoord kwam voor het onderzoek; ze onderging 't dof-lijdelijk, antwoordde kort op zijn vragen, liet gewillig hem op zijn geringschattende, onverschillige wijze haar lichaam betasten, bekloppen, bekijken.

Maar toen hij Wim onderzocht, lette zij zorgvuldig op alle bewegingen, bang dat hij 't kind pijn zou doen. Bij 't weggaan zei Verwoord alleen: „Moeder en kind zijn beiden gezond; ik zal't Mijnheer van Esten zeggen."

Weer een avond later kwam mevrouw van Esten, een vrij jonge vrouw nog, gedistingeerd in heel haar