is toegevoegd aan uw favorieten.

Mammon

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

op 't kantoor, nooit meer werd hem geldswaarde ter bezorging of ter inning opgedragen, de minste fout werd hem dubbel zwaar aangerekend; 't gebeurde soms, dat de chef hem zeide, van hem dubbel accuraat werk te verlangen. De chef was welwillend tegen hem, maar in zijn toon was altijd een klank van meerderheid, van bijzondere bescherming, die Tom wrevelig maakte, en langzamerhand groeide in hem 't besef, dat hij zich met ziel en lichaam verkocht had aan zijn patroon, dat hij diens eigendom was geworden door zijn diefstal en door de geldschuld. Daarmee was hij geketend voor goed. De keten drukte hem loodzwaar, want hij was aangelegd op onafhankelijk fier door het leven gaan, maar hij wist, dat stil-gelaten dragen eenige plicht was.

Thuis was 't niet weer geworden als vroeger; alleen de dringendste schulden waren betaald, de blijvende moesten langzaam aan betaald worden, zouden hen nog jaren blijven drukken, maar 't was toch rustiger nu, eene verademing na den vreeselijken angst van de vorige maanden; en sleurend gingen weer de dagen voorbij. Tom trachtte niet meer opgewektheid te brengen ; hij droomde ook niet meer zijne vroegere geluksdroomen; het leven was hem een groot ledig geworden, zonder glans van hoop.

En toch, nog ééns glom een licht voor hem op, nog ééns droomde hij een geluksdroom, helderder, beter, mooier dan ooit te voren.