is toegevoegd aan je favorieten.

Ole Tuft

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hij gevoelde de zachte drukking dier liand, maar reeds deze alleen doortintelde hem. Van tijd tot tijd raakte haar zijden kleed zijn been aan; zij liepen in den pas; de electrische stroom van hare nabijheid droeg hem. Zij waren 't geheel ééns en alles was stil; men hoorde het geluid hunner voetstappen en het ritselen der' zijde. Hij hield den arm, waarop hare hand rustte, behoedzaam stil; alsof bij de minste beweging daarvan de hand zou afvallen en breken. Het éénige onvolmaakte bij deze wandeling en daar moet nu eenmaal altijd iets onvolmaakt zijn bij alles! — was, dat hij een bijna onweerstaanbare lust in zich voelde opkomen, Joseiine's hand op de gewone gebruikelijke wijze, op zijn arm te leggen in plaats van daartegen aan; dan kon hij haar nu en dan zachtkens tegen zich aandrukken; maar hij had geen moed die hand te verplaatsen.

Zij wandelden steeds voort. Hij zag voor zich uit en deed de ontdekking, dat er geen maan was.

„De maan schijnt niet," zeide hij.

„Als /.ij er was zou het lichter zyn,' antwoordde /.ij glimlachend.

"*Ja, veel lichter." Dit laatste hadden zij tegelijkertijd gezegd, de "klanken vermengden zich en stegen op als een paar vogeltjes in de lucht.

Maar juist om deze reden was het een gewaagd stuk ze door anderen te laten volgen. Terwijl Ole er over peinsde wat hij nu wel zou durven zeggen, werd hij innig ontroerd en trotsch tegelijkertijd. Hij herinnerde zich dien Zaterdagavond in de sneeuw, toen zij op de schoolplaats zoo akelig tegen hem waren geweest, zoodat hij was weggeloopen naar Store-Tuft. Hij dacht eraan, hoe diep ongelukkig hij toen was geweest. Maar die dag had toch aanleiding gegeven voor zijne bevordering tot dit oogenblik. Thans kwam hij van de andere zijde de stad in — arm in arm met haar neen, dat eigenlijk niet; dat was het onvolmaakte van de zaak. Zou zij „er in kunnen komen? ^

„Wij loopen hier met ons beiden wel afgezonderd." Hij zou trachten langs een omweg te komen waar hij wezen wilde. Maar op zyne stem kon hij nooit rekenen; die verraadde hem ook thans weer. Zij gaf geen antwoord.