is toegevoegd aan uw favorieten.

Ole Tuft

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Kallem mocht onder deze omstandigheden niet op reis gaan. Hij schreef uitvoerig alles aan Ragni en beloofde te zullen overkomen, zoodra hij meende dit met gerustheid te kunnen doen.

Den volgenden morgen vond hij alles naar wenscli, toch drong hy er op aan, dat de zieke zeer stil moest blijven en hij mocht ook niet zooveel praten. Tegen den namiddag verlangde Andersen het heilig Avondmaal te mogen vieren, maar zijne verpleegster zeide, dat hij zich voor iedere gemoedsaandoening in acht moest nemen.

„Ik zou mijn bond met God willen hernieuwen."

Dit mochten zij niet weigeren, maar zy mochten er ook, zonder voorkennis van den dokter niet in toestemmen en deze was bij een kraamvrouw geroepen. Nu overlegden de pleegzusters met den portier, die voorheen de machtige heer en meester in het huis was geweest. Toen Andersen jegens hem zijn verlangen naar die heilige handeling met beslistheid herhaalde, vond hij geen vrijheid hem zijn verzoek te weigeren en hy nam de verantwoordelijkheid voor de gevolgen op zijne schouders. Een oogenblikje later waren de pastor en de portier in diens kamer, om den wijn eenigszins te verwarmen; het weer was omgeslagen en het was nu bitter kond van avond. Andersen was zeer verheugd toen hy hoorde wie zyne kamer binnenkwam.

„Ik wist het wel," fluisterde hy.

De geestelijke vroeg hem of hy hem iets afzonderlijk te zeggen had?

„Ja. Dat had hy wel."

De anderen verlieten de kamer en nu vertelde Andersen dat hy als jongen een zijner speelkameraden met dienzelfden voet een ongeluk had geschopt. Zou het ook kunnen zyn, dat God hem nu daarvoor wilde straffen?

„Neen."

„Zoo; niet!" Maar hy had daar toch over liggen denken en daarom had hij verlangd het heilig Avondmaal te mogen vieren; hij gevoelde daar behoefte aan.

En was er anders niets, dat hem bezwaarde ?

„Neen."

De geestelijke vermaande hem zyne gedachten tc verzamelen;