is toegevoegd aan je favorieten.

Ole Tuft

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

over my gekomen en nu kan ik je „ „(le litanei" " zoo als je liet noemt niet langer besparen."

Met een treurigen glimlach zag hij haar aan; zy hem wederkeerig; maar zij bleef zwygen.

„Je weet maar al te goed wat my ontbreekt. Ik leef hier met jon in het genot van weelde en welvaart; in de gemeente wordt mij achting en eerbied bewezen ; ja zelfs vereering en bewondering valt mij ten deel. Maar dit is niet de bodem waarin een kind Gods tot zijn natuurlijke grootte kan opgroeien. Onlangs ben ik geteekend en — verworpen."

Hij bedekte zijn gelaat met beide handen en zat een lange poos stil; hy scheen te bidden.

„Lieve, beste Josefine!" — nu zag hij haar weder aan — „Wil je mij helpen? Ik moet alles in mijne omgeving veranderen; ik moet mijn leven geheel anders opvatten."

„Hoezoo ?"

„Wel — ik ben geen geestelijke en jij zijt evenmin de vrouw van een geestelyke; wy loopen ons verderf te gemoet.'

„Al die veranderingen, al die pogingen om anders te gaan leven, Ole, schijnen telkens weer met mij en mijn huishouden te moeten beginnen. Begin met je-zelf. Ik ben zooals ik wezen wil leef jij zooals jij wenscht te leven en zoo als het je noodig en goed dunkt. Ons huishouden is niet anders als men het in ieder beschaafd gezin, met goeden smaak, mag verwachten. Bevalt die inrichting je niet — nu, je hebt hier in huis je eigen kamers, waar je alles naar je eigen zin kunt gedaan krijgen en verlang je soms een eenvoudiger leefregel — zeg het dan!"

„Ja, ja, jij brengt alles op eene verandering van huisraad en een beperkter keukenlyst terug!" zeide hy.

„Voor die algemeene klachten van jou, heb ik ook waarlyk geen greintje eerbied."

„Omdat je de geestelyke reden daarvoor niet begrijpt."

Zy verbleekte.

„Ik weet niet beter, dan dat ik niet zoo zinnelyk wilde leven als jij," antwoordde zy stroef, „en dat daarmede het twisten tusschen ons begonnen is."