is toegevoegd aan je favorieten.

Sprookjes

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„Meen je dat?" vroeg de koekoeksbloem, en ook de kamille, de wilde wortel en angelier waren even verbaasd. En de kroontjesdistel stond van verwondering, steil in de hoogte en vroeg:

„Wat heb je den bijen dan aan te bieden?"

„Mijn stuifmeel," antwoordde de wilde roos. „Ze hebben het voor het bijenbrood noodig, dat ze voor hun maden maken. En ik heb zoo n grooten voorraad, dat het er niets toe doet of er ook iets verloren gaat."

De zon steeg hooger aan den hemel en droogde den dauw van de blaren.

„Nu luid ik de markt in," zei het kleine klokje.

Alle bloemen richtten zich op, geurden en straalden en deden hun best om er zoo goed mogelijk uit te zien.

En van alle kanten kwamen er bijen, wespen, hommels, vlinders en nog veel andere insekten aanvliegen, die 's nachts onder een blad gesla pen hadden, en nu door de zon gewekt waren.

Ze verspreidden zich over bosch en veld en kropen van bloem tot bloem. En de bloemen straalden en trachtten zooveel mogelijk den aandacht te trekken.

't Blauwe klokje riep:

„Kling, klang! Hier moeten jelui zijn, kom