is toegevoegd aan uw favorieten.

Nieuw geneeskundig wetboek

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

b. van het weder-inschrijven van den naam op het register wordt kennis gegeven aan de werkgevers en aan de plaatselijke commissie, aan wie de afvoering van den naam was medegedeeld.

§ 3. Van de genees- en heelkundige behandeling.

Art. 8. De Rijksverzekeringsbank verleent de genees- en heelkundige behandeling, bedoeld in art. 1, waarop de door een ongeval getroffen verzekerde ingevolge de Ongevallenwet 1901 aanspraak heeft, op de in genoemd art., sub a, bepaalde wijze,

óf A. totdat de verleening van eerste hulp aan den getroffene is afgeloopen ,

öf B. wanneer de getroffene na het ontvangen der eerste hulp niet in staat is den deskundige te kiezen, door wien hij wensclit behandeld te worden, totdat de getroffene wel tot het doen van die keuze in staat is.

Wanneer in een geval als bedoeld in het eerste lid, sub B, de verzekerde van te voren:

a. schriftelijk aan het bestuur der bank had medegedeeld, door welken ingeschreven deskundige hij, mocht hij door een ongeval worden getroffen, zou willen behandeld worden, of

b. van het bestuur eene machtiging had bekomen als bedoeld in art. 10, eerste lid,

dan verleent de bank, zoodra de door den getroffene gekozen deskundige aanwezig is om de behandeling van den door den werkgever geroepen deskundige over te neinen, niet langer de genees- en heelkundige behandeling op de in art. l,sub«, bepaalde wijze.

Art. 9. De door een ongeval getroffen verzekerde, die de genees- en heelkundige behandeling, bedoeld in art. 1, wenscht te bekomen, waarop hij ingevolge de Ongevallenwet 1901 aanspraak heeft, is, behoudens het bepaalde in de artt. 10, 11 en 12 verplicht de hulp in te roepen van een door hem gekozen ingeschreven deskundige, die zich heeft bereid verklaard de bedoelde hulp te verleenen binnen de gemeente of het gedeelte der gemeente, waar de getroffene zijne woonplaats heeft of waar hij zich bevindt.