Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

't Fabrieksvolk verzint geen sagen, de stoomfluit wekt geen schoone verbeelding op; met den besten wil kan men in den zwarten rook der schoorsteenen geen elfen of droomgestalten zien.

Er worden nog wel somtijds mooie sprookjes gemaakt. Ida Heijermans b.v. is een schrijfster die de kunst verstaat, en een mooi nieuw sprookje kan verzinnen. Maar dit is het merkwaardige van de werkelijk mooie sprookjes van tegenwoordig. Ze missen dat onbezorgde, dat vreugdevolle van de vroegere sprookjes. Het is of onze treurige wereld, de nooden onzer maatschappij, de ernstige vraagstukken, die zich in dezen tijd overal aan ons opdringen, zich zelfs tot in het kindersprookje afspiegelen. Toch wijst onze tijd weer een nieuwe richting aan, waarheen het sprookje zich nu gaat wenden. Het nieuwe terrein, dat het kindersprookje nu gaat betreden, ligt waarschijnlijk in het gebied der natuurwetenschappen. De kennis der levende natuur vooral, die in onzen tijd zooveel beoefenaars vindt, is de rijke bron, die stof in overvloed zal bieden voor mooie nieuwe sprookjes voor het kind. Het kind dat nog zoo dicht staat bij de natuur, is zeer ontvankelijk om het leven van dieren en planten te begrijpen, De eenvoudige en duidelijk sprekende hartstochten van het dier, zijn genieten van het oogenblik zonder aan de toekomst te denken, zijn zorgeloos natuurleven trekken het kind aan. Wreedheid bij kinderen is een gevolg van onwetendheid. In de natuursprookjes nu, leven de kinderen met de dieren. Het dier wordt er niet beschouwd van het standpunt van den mensch, maar in zijn eigen natuurlijke omgeving geschetst. Het kind leert in zijn schoolboekje: «De zwaluw is een nuttige vogel omdat hij zooveel schadelijke insecten vernietigt». Maar in het natuursprookje ziet het kind, wat dit vernietigen beteekent. Het ziet, dat de lieve zwaluw door het insect lang niet als nuttige vogel wordt beschouwd. Zoo leert het kind de waarheid van het natuurleven dikwijls beter kennen in het sprookje dan in het schoolboek.

Vooral de sprookjes van Carl Eiuald teekenen de dieren in hun eigenaardig karakter. Ieder dier handelt zoo, omdat het zoo handelen moet, omdat het door zijn

Sluiten