Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wil behouden, de plechtigheid uit te stellen tut op volwassen leeftijd, gelijk niet zelden het geval is in gemengde huwelijken, vooral tusschen Protestanten van verschillend kerkgenootschap'?

„Laten de kinderen zelf kiezen als zij groot zijn!" met die woorden redden de ouders zich tegenover elkander uit de moeilijkheid om eene keuze te doen. Maar zou het inderdaad niet alles vóór hebben eerst op lateren leeftijd te doopen, op het voetspoor der Doopsgezinden met hun aantrekkelijk vromen zin?

Zoo geschiedt inderdaad ook in andere kerkgenootschappen, wanneer de doop in de jeugd, om welke reden ook, was nagelaten, en wel bij de aanneming tot lidmaat der gemeente ; en het heeft altijd iets plechtigs en indrukwekkends, vooral door het persoonlijk karakter, hetwelk daardoor aan dat werk der bevestiging wordt verleend.

Men zie evenwel niet over het hoofd, dat in werkelijkheid het zinnebeeld niet meer noodig is, wanneer men zelf toetreedt tot de gemeente uit eigen vrije begeerte, wanneer men zelf zijne belijdenis en belofte uitspreekt, wanneer het bewustzijn van het geestelijke, door den doop afgebeeld, aanwezig is, althans als aanwezig inag worden verondersteld. Waartoe dan dit zinnebeeld nog? Toch kan het als wijding van de afgelegde belofte zijne beteekenis hebben, mits door den persoon zelf het oude, eerwaardige zinnebeeld begeerlijk wordt geacht.

Levendig te betreuren is het daarom, dat de Synode der Ned. Herv. Kerk verplichtend heeft gesteld, wat tot heden in den regel toch altijd gebeurde, het doopen van wie ongedoopt waren en tot de gemeente toetraden, Door een wetsartikel te maken van hetgeen

Sluiten