Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zou het ware paaschlam zijn, voor de menschheid geslacht. Van het breken des broods en het rondgaan van den beker wordt hier geen melding gemaakt.

Dat alles was, gelijk wij zagen, een voor de hand liggende zinnebeeldige aanduiding van Jezus' dood. Aan eene herhaling daarvan kon niet worden gedacht. Een voorschrift geven lag bovendien alles behalve in den geest des Meesters. Jezus behoefde ook niets voor te schrijven. Is de toedracht der zaak ongeveer geweest als in de eerste evangeliën wordt verhaald, dan moet de viering als van zelf zijn ontstaan onder den indruk van dien laatsten avond. Die bleef hun onvergetelijk. Bij hunne maaltijden hadden zij steeds dien maaltijd voor den geest. Weldra werd 't hun eene behoefte gemeenschappelijke maaltijden te houden tot zijne gedachtenis. Bij de uitbreiding deigemeente moesten dezen vervallen, en nu werd in de godsdienstige samenkomsten de dood des Meesters bij brood en beker herdacht.

Die gedachtenisviering werd het middelpunt der godsdienstoefening. Allengs onderging zij den invloed van de opvatting van den dood van Jezus. Waren de bloedige offeranden tot schuldvergeving verdwenen, de Joodsche zuurdeesem werkte, zelfs in Paulus, nog zoozeer na, dat men zich geene vergeving zonder offer kon denken, ook al had men niet meer te doen met een wrekende Oppermajesteit, maar met een vergevend Vader. In de plaats der offerdieren trad nu het offer van Golgotha, en de herdenking van dat sterven heette de onbloedige herhaling van het bloedige offer, door Christus gebracht op Golgotha, dagelijks noodzakelijk voor de

Sluiten