Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

anderlijk op Vrijdag en Zondag moesten herdacht worden. In den beginne gaf deze afwijkende opvatting nog niet tot tweedracht aanleiding; maar onder den Romeinschen bisschop Victor, ten jare 190, ontbrandde de strijd heftig en werden de Klein-Aziatische gemeenten door dezen kerkvoogd in den ban gedaan en van de gemeenschap der kerk uitgesloten, omdat zij zich niet naar hem wilden schikken. Niet algemeen vond deze maatregel instemming. Zoo schreef de bisschop van Gallië aan Victor eenen brief, waarin hij zich zijnen naam Irenaeus, dat is »vredelievende« waardig betoonde. Ook hij, luidt het in dat schrijven, vierde Paschen op een Zondag; maar het ging toch niet aan andersdenkenden van de gemeenschap uit te sluiten, gelijk de Romeinsche bisschop dit noodig had geacht. Eene vrijzinnige opvatting, welke echter maar zelden in de kerk den boventoon heeft gevoerd. Op de groote kerkvergadering van Nicea in het jaar 325 werd wel uitgemaakt, dat door de gansche Christenheid het Paaschfeest op Zondag moest worden gehouden, en wel sprak keizer Constantijn over dit besluit zijne levendige blijdschap uit; maar de oude gewoonte was daarmede niet uitgeroeid en eerst na lange jaren stierf zij weg.

Doch niet slechts over den dag der week, ook over den tijd van het jaar, waarin Jezus' dood en opstanding moesten worden herdacht, heeft langen tijd verschil van gevoelen geheerscht. Het zou ons te dezer plaatse te ver voeren, indien wij van alle verschil-

Sluiten