Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en vogelschieten en heel het bonte tooneel van die middeleeuwschevolksvermakelijkheden, die wel kleurig en blijde en soms zinrijk zijn, maar tegelijk eene ruwheid vertoonen en tot eene ongebondenheid aanleiding geven, die wij thans nauwelijks meer begrijpen. De burgerlijke overheid keerde er zich maar zwak tegen en van de kerkelijke overheid ontvangen wij den indruk, dat zij door den stroom werd medegesleept en voor een goed deel niet eens er tegen in wilde gaan.

De kerkhervorming der 16de eeuw heeft althans in den beginne hierin geenerlei verandering gebracht. In ons land (want wij moeten ons zeer beperken en kunnen van andere in 't geheel niet gewagen) brengt het gereformeerd beginsel wel eenig verzet tegen de sabbathsontheiliging, doch het bleek volstrekt onmogelijk de diepgewortelde volksgebruiken uit te roeien. De Zondag bleef de dag voor de uitgelatenste pret. Over den Zondag als ïustdag was de gereformeerde kerk zelve niet éénstemmig. In hare 163ste zitting van 47 Mei 1619 was de befaamde synode van Dordrecht overeengekomen van de Staten des lands nieuwe keuren en scherper plakkaten te vragen tegen de ontheiliging van den sabbath, doch niet zonder dat er eenig dispuut gevallen was over de kwestie van de noodzakelijkheid van de onderhouding van den dag des Heeren. Vóór den strengen sabbath waren b. v. Zeeuwsche predikanten, die onder den invloed stonden van Engelsche puriteinen. Maar

Sluiten