Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IV.

Om de toonloze klinker aan te duiden, die men hoort in woorden als bidanken, koning, Stavoren, Dokkum, hebben wij geen afzonderlik letterteken. Die toonloze klank, die evenmin gelijk is aan de è in pel als aan de i in vink, de o in lof of de u in druk, wordt zoals uit de voorbeelden blijkt, op verschillende wijzen schriftelik weergegeven. Bij de Vries en te Winkel ook nog door ij in de uitgangen -lijk en -lijks. Nu is men gewoon van het teken i gebruik te maken, niet alleen in woorden als woning, heilig, vonnis, notaris maar ook in monnik, leeuwerik, havik, Frederik, vuilik, grinniken, hinniken, prediken enz.; m. a. w. voor de k duidt men de toonloze klinker aan door i. Dat is de reden waarom wij ook in dichterlik, jaarliks enz. een i (vóór k) bezigen.

Het zou dwaasheid zijn, uit de schrijfwijze jaarliks af te willen leiden dat dit woord naar onze mening rijmt op fiks. Ook bij de spelling gewoonlijk wordt immers niet bedoeld dat de ij de klank vertegenwoordigt die wij horen in dijk?

V.

Men kan door sommige beschaafd sprekende Nederlanders horen zeggen: s-ch-rijven, s-ch-rik, door andere srijven, srik. Uitlating van die ch vóór de r zou dus op z'n minst voorbarig zijn.

In besje, verkleinwoord van bes (oud vrouwtje) is de t niet meer op z'n plaats. Wèl wordt, om de levende etymologie, een t geschreven in kastje, kistje, vestje, kostje enz. (van kast, kist, vest, kost).

Al in :t Middelnederlands kwam geen t meer voorin Kersmis< Kersdag, Kers/nacht. 'J In de laatste tijd is die t echter, door invloed van de spelling-de Vries en te Winkel bij enkelen in de spreektaal gedrongen.

') Vgl. Verdam Middelnederl. Wbk. III, 1375: „Kersavont... ndl. Kersavond, (of gelijk de nieuwe [N.B.!] spelling wil, Kerstavond, eene schrijfwijze, die ook in de middeleeuwen niet voorkomt en alleen bij den etymologiseerenden Kiliaen te vinden is)."

Sluiten