Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

rekwesteren, retoerbiljet, rojaal, rosbief, rumatiek, sjako, taboeret, takseren, tee, tiraljeur, toost en trem.

Bovendien is bij een aantal andere woorden de vernederlandste spelling naast de meer vreemde geplaatst (zie de lijst in het aanhangsel).

VIII.

Dat familienamen (Hui/decoper, van den Bosch, Baeten) onveranderd horen te blijven, behoeft geen betoog. .

Verandering te brengen in de gebruikelike schrijfwijze van aardrijkskundige namen, schijnt voorlopig niet gewenst.

IX.

Wat het geslachtsonderscheid in het (levende) beschaafde Nederlands betreft, de toestand is in grote trekken als volgt: ')

Onzijdige zelfst. naamwoorden zijn te kennen aan het lidwoord het dat er voor kan worden geplaatst : het boek, het geweeklaag, het (verenigde) Duitsland.

De niet onzijdige zelfst. naamwoorden zijn voor verreweg het grootste gedeelte mannel ik. Kenmerk van de mannelike zelfst. naamwoorden is, dat ze in 't enkelvoud door het persoonlik voornaamwoord hij (niet door zij, ze) kunnen worden aangeduid: man, soldaat, hond, mug, eik, peer, roos, bark, zaag, tafel, stoel enz. Uitsluitend vrouwelik zijn alleen (de meeste) namen van vrouwelike personen: vrouw, meid, gravin, werkster enz.

DUBBEL GESLACHT.

Biezondere aandacht verdienen de zelfst. naamwoorden die in 't beschaafde Nederlands in twee geslachten voorkomen: zowel in 't mannel. als in 't vrouwel., of zowel in 't mannel. als in 't onzijdig.

') Zie Kollewijn, Opstellen over Spell. en Verbuiging (2e druk) blz. 76 vv., en Taal en Letteren, 1895, 217 vv.

Sluiten