Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kan brengen. Opzettelik en methodies onderwijs in het zuiver schrijven blijft dus nodig. Dit zal echter veel beperkt kunnen worden en het is mogelik bij een goede methode in veel minder tijd dan nu hoogst bevredigende resultaten te verkrijgen. Ten gevolge daarvan zal in de hogere klassen veel meer en in de inrichtingen van voortgezet onderwijs uitsluitend werkelik taalonderwijs kunnen gegeven worden.

Ook voor het leesonderwijs zal de invoering van het stelselKollewijn zeer gunstig werken, daar de vormen in de leesboeken in sommige opzichten belangrijk veel minder van de natuurlike zullen afwijken dan tans.

De eis tot invoering is dus alleszins gewettigd en deze mag voor de ouderen een offer waard zijn. Gaat de invoering gepaard met een wijziging van de methode in overeenstemming niet het nieuwere taalbegrip, dan wordt het taalonderwijs op twee wijzen vereenvoudigd: niet alleen door vermindering van de hoeveelheid stof, maar ook door toepassing van middelen die op eenvoudiger en doeltreffender wijze tot het beoogde doel voeren. Het ligt daarom ook op de weg van de „ Vereen iging tot Vereenvoudiging van Onderwijs en examens'" de autoriteiten ervan te overtuigen, dat ze een weldaad aan de jeugd bewijzeD, indien ze de invoering begunstigen.

AANTEKENINGEN.

1. H. van Strien, „Van Spreken tot Schrijven", methodisch gerangschikte oefeningen voor het onderwijs in het zuiver schrijven, met Handleiding. Uitgave van W. Hilarius, te Almelo.

2. Aldus Prof. M. de Vries reeds vóór ruim 40 jaar: „bij het vaststellen van de regelen der schrijftaal moet de studie

Sluiten