Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2. Weergekeerd bij vader Jakob, verhaalden zij heel hun wedervaren. En ook van het geld in de zakken, wat zij onderweg bemerkt hadden. Jakob was bitter bedroefd en riep uit: Gij berooft mij van kinderen! Jozef is weg, Simeon is weg, en nu wilt gij ook Benjamin wegnemen. Alles spant tegen mij samen! Aanvankelijk wilde hij dan ook niets van Benjamins medereizen weten. Maar toen het koren op was en een nieuwe tocht naar Egypte werd beraamd, gaf hij ten slotte toe, op krachtig aandringen van Hu ben en Ju da, die persoonlijk voor Benjamin borg stonden, llij gaf geschenken mede voor den machtigen onderkoning, en zorgde dat het gevonden geld, dat bij vergissing naar hij meende — in de zakken terechtkwam, weer terug werd meegenomen.

Jozef behandelde de weergekeerde broeders zeer vriendelijk, bleek over het wederzien van Benjamin uitermate verheugd en kon zijn aandoening slechts met moeite bedwingen. Hij liet een kostelijken maaltijd voor hen aanrichten, waaraan zij, tot hun verbazing, naar hun leeftijd gerangschikt werden. Toen zij nu zouden vertrekken, werden zij nog eenmaal op de proef gesteld. Niet alleen werd het geld nogmaals in hunne zakken gelegd, maar Jozef gaf zijn huismeester last 0111 bovendien zijn zilveren beker in den zak van den jongsten te leggen. Na hun vertrek deed Jozef of hij den beker miste en de vreemdelingen verdacht. De huismeester wordt bun achterna gezonden. Allen bezweren hun onschuld, maar de beker wordt bij het onderzoek in Benjamins zak gevonden. Toen scheurden zij hun kleederen van droefheid en angst.

Tot Jozef teruggebracht kunnen zij zich niet rechtvaardigen en roepen uit: Wij zijn allen uwe slaven! Doch Jozef antwoordde: Dat zij verre! De man bij wien de beker gevonden is, die zal mijn slaaf worden; maar gij anderen kunt ongedeerd naar uw vader gaan. Daar trad Juda naar voren, schetste in aangrijpende woorden de smart van vader en hun aller wanhoop als zij zonder Benjamin terugkeerden, vertelde hoe hij was borg gebleven voor zijn broeder en smeekte als slaaf te mogen achterblijven in diens plaats.

Sluiten