Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En als leeraars werden zij dikwerf niet begrepen door hun spitsvondigheden en haarkloverijen. Bedrevenheid in de letter der wet en dorre geleerdheid scheen hun het voornaamste. Daardoor miskenden zij echte godsvrucht en zagen zij uit de hoogte neder op de groote menigte, die zij minachtend voorbijgingen als „de schare, die de Wet niet kent".

In tegenstelling met deze deftigheid en dorheid der Rabbi's verklaart zich de opgang, dien Jezus maakte onder de eenvoudige landbevolking. Om hem te verstaan was geen drooge wetgeleerdheid noodig. Hij stootte niet af door zelfbehagende deftigheid. Hier was een man met een hart, wiens onbevangen vroomheid aantrok, wiens oorspronkelijke en toch zoo verstaanbare godsdienstige waarheden de scharen in de ziel grepen. Vandaar het getuigenis des volks: „Hij leert als machthebbende en niet als de Schriftgeleerden."

Gez. 210 : 2.

13. De partij der Farizeeën.

Twee machtige partijen of richtingen, Farizeeërs en Sadduceeërs, die reeds een paar eeuwen onder het volk bestonden, hadden in Jezus' dagen grooten invloed.

De eerste, die der Farizeeën, handhavend al wat echt Joodsch was, gekant tegen de romeinsche overheersehing, vol van geloof in den Messias die komen zou om het volk te verlossen, mocht inderdaad de nationale of volkspartij heeten. Hun streven lag haast nog meer op godsdienstig dan op staatkundig gebied. Zij wilden de vroomheid in den zin der Wet, door de Schriftgeleerden hoog gehouden, in het leven gansch en al invoeren. De Schriftgeleerden, de Rabbi's, behoorden dan ook allen tot de Farizeesche partij of richting.

Bij het volk, dat in hen de ware vromen zag, stonden zij in hooge eere, hoewel zij toch in hun eigengerechtige afzondering zich boven de groote menigte verheven waanden. Van dit zich afscheiden van de anderen is dan ook hun naam Farizeeën, d. i. Afgescheidenen, afkomstig. Die

Sluiten