Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

den zoon tegen zijn vader, en de dochter tegen haarmoedei, en de schoondochter tegen haar schoonmoeder. En 's menschen huisgenooten zullen zijne vijanden zijn. ie vader of moeder liefheeft boven mij, is mijns niet waardig.

Ik ben gekomen om vuur op aarde te werpen en

wat wil ik, indien het reeds ontstoken is?

— Wee der wereld van wege de ergernissen! Want het is noodzakelijk dat de ergernissen komen, maar wee dien mensch, door wien de ergernis komt!

Wie zijn leven wil behouden, zal het verliezen; maar

wie zijn leven verliest om mijnentwil, zal het vinden. Wat toch baat het een mensch, zoo hij de geheele wereld wint en schade lijdt aan zijn ziel?

— De lamp des lichaams is het oog. Is uw oog helder, dan is ook geheel uw lichaam licht. Maar ziet het boos, dan zal ook wel uw lichaam duister zijn.

— Laat de dooden hunne dooden begraven; gij, ga heen en verkondig het koninkrijk Gods.

— Aan een ieder die heeft, zal gegeven worden, en hij zal overvloed hebben. Maar wie niet heeft, van dien zal genomen worden ook wat hij heeft.

— Wanneer de onreine geest van den mensch is uitgevaren, trekt hij door dorre plaatsen, zoekende rust. En als hij haar niet vindt, zegt hij: Ik zal wederkeeren naar mijn huis, vanwaar ik ben uitgevaren. En als hij komt, vindt hij het geveegd en versierd. Dan gaat hij heen en neemt zeven andere geesten mede, boozer dan hij zelf, en zij gaan binnen en wonen daar. En het einde van dien mensch

wordt erger dan het begin.

— Dit geslacht der booze geesten vaart niet uit

dan door bidden en vasten.

— Indien uw hand of uw voet u ergert, houw hem af en werp hem van u! En indien uw oog u ergert, ruk het

uit en werp het van u!

— De wijsheid is gerechtvaardigd geworden van hare

kinderen.

Sluiten