Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gevaar, niet alleen dat dit ons vak in minachting komt, maai ook dat de tempel der groote godin Diana niet meer geteld woïdt, en dat hare majesteit, aan welke geheel Azië en de ganselie wereld eer bewijst, zal te niet gaan.

Nu, het gevolg is te vatten. Het beroep op de beurs was een zeer gevoelige snaar. Weldra waren de straten gevuld met een te hoop geloopen menigte, die een paar uren lang rondtrok, schreeuwende : „ G r o o t is de Diana der Efeziêrs!"

Een paar reisgenooten van Paulus, Gajus en Aristarchus, die men vond in den schouwburg — een groot, niet oveidekt gebouw, dat voor volksvergaderingen gebruikt werd, en waar misschien ook deze samenkomst gehouden was werden door den opgewonden troep meegesleept. Paulus was op dat oogenblik bij vrienden in huis. Met moeite weerhield men den moedigen man, zich onder de menigte te begeven en zijn zaak te verdedigen, wat op dien stond weinig gebaat zou hebben.

Gelukkig wist de secretaris der stad op slimme wijs het oproer te bezweren. Mannen, zoo riep hij hun toe, wat wilt gij toch? Efeze is immers de tempelbewaarster der groote godin en van haar uit-den-hemel-gevallen beeld. Dat staat vast en dat kan Paulus niefveranderen. Maar die predikers zijn bovendien geen tempelroovers en geen lasteraars uwer godin. Als Demetrius wat te klagen heeft, laat hij dan naaide rechtbank gaan; die is er voor. Rij zoo'n oproertje kunnen wij niets winnen; wél verliezen. Doet dan geen overijlde dingen, maar gaat naar uw woningen terug. En hebt gij zekere verlangens, dan zullen wij een wettige vergadering honden.

Dat was goed gesproken, en het was wijs van het volk, dat men naar hein luisterde. Maar evenzeer deed Paulus wijs met. Efeze te verlaten, om de stad tot rust te laten komen.

Gez. 255 : 5.

Sluiten