Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het psychisch subject in zijn ooizaken is het punt van aanraking van alle wijsgeerige stelsels; het punt van aanraking van alle godsdiensten, het middelpunt van den kringloop, waarin de menschelijke ontwikkeling zich nu al 4000 jaar beweegt.

Reeds Aristoteles deed een poging tot ontsluiering van dit mysterie, toen hij zeide : „Onze vijf zinnen worden nog weder door een gemeenschappelijk waarnemingsvermogen omvat."

Het „Ken u zeiven!" van Socrates en zijn : „Hoe meer ik weet, hoe beter ik begrijp, dat ik niets weet!" waren onder meer, niet vreemd aan zijn staren op de warme, bloedrijke, min of meer vleeschachtige deelen, besloten in zijn huid en op het raadselachtig psychisch subject in zijn oorzaken onbekend. Hij noemde den mensch een kleinen God.

Groot en klein.

Wat is groot en wat is klein P net is het resultaat van vergelijken, evenals elke graad. Groot bestaat op zichzelf niet, evenmin als klein. Oneindig klein dan !

Iets, wat wij oneindig klein noemen, kunnen wij evenredigerwijze weer als oneindig groot beschouwen ten opzichte van iets anders en wat wij oneindig groot noemen, evenzoo weer als oneindig klein ten opzichte van iets anders.

Als A = B, dan is B niet altijd gelijk aan A, als c»o (dit is oneindig groot) er bij wordt ingehaald; zooals de volgende vormen doen zien. Stellen wij de rij den getallen voor tot oo.

1, 2, 3, 4, 5, 6, 7, 8, 9 oo.

Plaatsen wij daartegenover dezelfde getallen tot de 2e macht:

l2, 2% 32, 42, 52, 6-, 72, 82, 92 oo2,

Sluiten