Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

niet alles in bijzonderheden uiteengezet worden, hoewel de Bijbel ook hier met den reinsten mond spreekt. Het is echter ook niet noodig. Wat de kinderen hier niet verstaan, zullen zij leeren verstaan, als het daarvoor de tijd is. Dit deel geheel over te slaan, is niet volstrekt noodig. Zeer duidelijk toch laat zich hieruit aantoonen, hoe gierige menschen doen; maar ook, hoe trouw God de Zijnen nabij is, hoe Hij Zijne beloften gedachtig blijft en uit de engte in de ruimte voert, wanneer het Zijn tijd is. Dit moest Laban zelf getuigen (Vers 29): „Het ware in de macht mijner hand" zegt hij, „aan ulieden kwaad te doen; maar de God van ulieder vader heeft tot mij gisterennacht gesproken, zeggende: „Wacht u, van met Jakob te spreken of goed, of kwaad".

Zoo duidelijk als Laban zich bij dit onderhoud op het gebergte van Gilead nog eens in zijne huichelachtigheid deed kennen, zoozeer maken Jakobs woorden den indruk, dat zij voortkomen uit een goed geweten, en dat hij zich vrij wist van de hem verwetene oneerlijkheid en schending van het huwelijk. God gaf hem dan ook hiervan getuigenis, doordien Hij hem, om hem te troosten over het zoo even geleden onrecht en hem te versterken tegen nieuw gevaar, Zijne engelen als geleiders en wachters laat verschijnen. Zien wij daaruit telkens weder, hoe God Zich houdt ten opzichte van Jakob, het volgende 32ste Hoofdstuk doet ons ook bijzonder duidelijk zien, hoe Jakob tegenover God stond.

Velen willen in het verhaal van Jakobs worsteling aan den Jabbok de bekeeringsgeschiedenis van onzen aartsvader zien. Wij gelooven, ten onrechte; want het gebed van Jakob, dat wij hier vinden, is toch waarlijk niet het gebed van eenen onbekeerde, maar veeleer een waar model-gebed, ook voor Christenen, in allen deele geschikt, om zin voor zin het Antwoord op te helderen op Vraag 117 van onzen Catechismus: „Wat behoort tot zulk een gebed, dat Gode aangenaam is, en van Hem verhoord wordt"? Wat voorts de geheimzinnige gebeurtenis zelve betreft, die den aarts-

Sluiten