Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zaamheden te leeren kennen, heeft slechts de verschillende nummers van het Tijdschrift over 1906 na te slaan.

Tii een GeV/sartikel van 1905 werd een schets gegeven van den toestand van het vakonderwijs in Zuid-Duitschland en werd dit vergeleken met dat onderwijs hier te lande. Dit opstel werd met andere onderwerpen over onderwijs tot een bundel vereenigd en van eene inleiding voorzien. Onder den titel van „School en Leven" werd het de wereld ingezonden.

Een belangrijke aanwinst voor onze litteratuur op vakonderwijsgebied is het uitgebreid verslas over het „Vakonderwijs in het Buitenland in verband niet het Vakonderwijs in Nederland" van den Heer n. j. de groot. Inspecteur van het M. O. Aan dit verslag is toegevoegd eene ontwikkeling van zijn denkbeelden omtrent eene regeling van het vakonderwijs, waardoor dit boek nog aan belangrijkheid gewonnen heeft.

Hierbij bleef het echter niet en het zou weinig moeite kosten nog verder aan te toonen, dat bet vakonderwijs tegenwoordig de°belangstelling van velen in hooge mate gaande maakt, vele tongen' en vele pennen in beweging brengt. Maar waartoe zou het dienen? Wij allen weten het wel, kunnen het althans weten, dat haast geen week voorbij gaat of het een of ander vakblad heeft ettelijke regels aan dit onderweip gewijd, op de eene of andere vergadering van technici leverde deze zaak stot voor eene inleiding, gezwegen nog van hetgeen in de gewone dagen weekbladen hierover wordt aangetroffen.

Deze groote belangstelling is >.eker te waardeeren en er is alle reden zich te verheugen over dit feit. Maar het is ook natuurlijk, dat men het over dit hoogst belangrijke onderwerp niet in alle opzichten eens is, dat er punten zijn waarover men van meening verschilt. Het is echter te hopen, in 't belang van hen, die een ambacht moeten leeren, dat men het, wat de hoofdzaken betrelt, eens zal worden en de strijdende partijen tot elkander kunnen worden gebracht. Dan alleen bestaat er kans tot eene bevredigende oplossing te komen, waarmede wij een scooone toekomst tegemoet kunnen gaan en welke ons met blijde hoop kan vervullen.

Onze tegenwoordige opleiding voor een vak of ambacht kenmerkt zich door eene groote mate van verscheidenheid. Zij komt onder zooveel vormen voor, dat reeds daardoor duidelijk merkbaar is, dat wij ons thans in een periode van overgang bevinden. In een tijdperk, waarin wij ons ter eener zijde slechts noode losmaken van oude vormen en gebruiken, ons daaraan zelfs nog angstvallig vastklemmen, ook al gevoelen wij het ge-

Sluiten