Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de waarheid: de eene dienst is den anderen waard. Aan ds. Pambo, die toen in 't Schlangenbad vertoefde, werd opgedragen in den straks vermelden geest te handelen en hein verzocht naar Frankfort te gaan, „audientie bij de Magistraet aldaer versoeken, deselve deese aan ons betoonde gunste niet roemrugtige expressien bekent te maken en daarbij een assistencie tot den opbouw deeses Huys te versoeken". Ook werden hem brieven gezonden waarin hij werd geauthoriseerd „om bij de omtrent Schlangenbad leggende vorstelijke en andere Hoven collecte te doen en giften te versoeken ten behoeve deses op te bouwenen Huys". Dit ging nu alles in eene moeite door.

Ik weet niet of ds. Pambo voor zijn gezondheid in 't Schlangenbad vertoefde. Waarschijnlijk wel, want waarvoor gaat men anders naar een badplaats; ook zou ik niet durven beweren, dat 't nu wel zoo heel goed gezien was 0111 beslag te leggen op den vacantietijd van den predikant; maar blijkbaar had de kerkeraad een goeden dunk van den ijver van den voorganger. In ieder geval de zaak was goed bedoeld en overlegd, maar er kwam niets van. De brieven kwamen te laat in 't Schlangenbad. Pambo was reeds vertrokken, waarschijnlijk reeds weer naar Holland op weg.

De 3<fc v. Septembermaand 1733 zag de consistorialen wéér vergaderd. Deze vergadering legt er getuigenis van af hoe liet geld de zenuw aller dingen is, want er werd druk gedelibereerd over de vraag, hoe aan 't noodige geld te komen. Wat een persoonlijk bezoek van ds. Pamiio had kunnen bewerkstelligen, moest nu schriftelijk worden beproefd. Er werd besloten bij provisie te schrijven aan de buitenlandsche hoven en de steden onzer religie toegedaan. Een moeilijk geval voor den toenmaligen secretaris van het constitorie, den Apothekaris Schködeh. Maar de dominees, die altijd bereid zijn te helpen, zouden ook thans helpen. „Den Heeren Predicanten werd vriendelijk versogt of sij de goedheid gelieven te hebben met hunnen goeden raad

Sluiten