Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

fond. Op het gedeelte, dat onderaan bloot komt, ziet men de pooten van een draak, die door een engel, waarvan links bovenaan het hoofd zichtbaar is, vertreden wordt.

Op een der pilaren daartegenover, dus aan den zuidkant, zijn twee elkaar aanziende mansfiguren geschilderd, van wie er eene een kruis in de hand houdt.

Op de pilaren rondom het koor vindt men Christophorus met het kind Jezus op de schouders en de Jordaan, waardoor hij waadt, er onder. Op hem volgen op de andere pilaren van den kooromgang: Maria met het kind Jezus, staande in de zon en op de maan, boven deze voorstelling zijn sterren en in Gotische letters de woorden : gloria in exelcis geschilderd, een bisschop met een draak of duivel aan een ketting, het hoofd van een onbekende met een palmtak (fragment), Johannes in zijn kemelsharen kleed, een hoofd (fragment), St. Joris, naar den draak stekende en ten slotte een heilige, staande op een boek en met een zwaard in de hand, Eene geknielde figuur naast hem is nog slechts even, de spreukband daarbij nog duidelijk waar te nemen. Al deze portretten komen op een donkerrood fond uit en zijn blijkbaar door eenzelfde hand geschilderd. In de afschuiningen van de pilaars onder het orgel ziet met links: de geboorte van Eva en rechts de zondeval — Adam en Eva onder den boom met de slang. Deze beide tafereelen zijn leelijk gedaan en, naar het mij toeschijnt, van denzelfden schilder, die de koperen slang in de woestijn en den doodendans op de muur bracht.

De schilderingen tegen het gewelf van het Noorder dwars-

Sluiten