Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ontstaan door de noodzakelijk om nieuwe treinen te doen loopen om hij de nieuwe tijdregeling in de oude, d. w. z. de thans zich gevormd hebbende verkeersbehoeften van het publiek te voorzien, zou worden geëquivaleerd door het feit, dat anders, thans rijdende treinen zouden kunnen vervallen."

— „Dat oordeel is onjuist", zoo werd ons geantwoord.

„Immers wanneer allicht op drukbereden trajecten, zooals Amsterdam—Rotterdam gelden kan, wat prof. Hubrecht als mogelijk voorstelt dan gaat dit nog geenszins op voor de weinig bereden baanafdeelingen, zeg in het oosten of het zuiden van ons land. Daar is vaak een met n internationalen trein in verband staande verbinding tusschen een hoofdstation en afgelegen gemeenten, de eenige waarvan inwoners der laatstbedoelde plaatsen nut hebben. Wordt zulk een verbinding nu door invoering van den Middel-Europeesche tydbepaling volgens klokketijd een uur later gesteld dan heeft zij — vooral in den laten avond — vaak al naar nut verloren, en is bovendien niet door een andere te vervangen."

Verder gaf onze zegsman te kennen dat, — liever dan berusten in de onafzienbare beslommering voor de dienstregeling, welke een invoering van den M. E. tijd met zich brengen de

groote spoorwegmaatschappijen hier te lande waarschynlijk den Amsterdamschen tijd zouden aanvaarden, hetgeen dit voordeel zou hebben, dat de dienstregeling ongewijzigd zou kunnen blijven behalve dan een makkelijk (?) te bewerkstellingen „vertaling der gedrukte gidsen van Greenwich-tijd in den Amsterdamschen tijd.

Onder deze omstandigheid is de handeling der Regeering, die een wetsonderwerp tot invoering van den M. E.-tijd indiende en, eerst daarna de meeningen der groote spoorwegmaatshappijen vroeg, niet vrij te pleiten van overijldheid, welke men thans in Den Haag — zijn wij wèl ingelicht — reeds bejammert.

Vragende, waarom, voor veertien jaar de spoorwegmaatschap-

Sluiten