Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nederlanders, niet bezorgd en met hoeveel graagte werd steeds genoten van het groote lichaam, dat van Hall deed geboren worden.

Toen in 1893, het Paleis voor Volksvlijt te Amsterdam, Dr. Sarpati's grootsche stichting, op het punt stond gesloopt te worden, was het van Hall, die de reddende hand bood. Door zijn toedoen is dan ook het prachtige gebouw, dat de hoofdstad tot sieraad verstrekt, behouden gebleven. Daarvoor zijn de Amsterdammers hem ook wel grooten dank verschuldigd. Van Hall trad toen als president-commissaris op. Sedert al dien tijd is het Paleis voor Volksvlijt weder opgebloeid; vele verbeteringen zijn successievelijk aangebracht en menige belangrijke tentoonstelling, zoo mede tal van bijeenkomsten, tot nut en vermaak, werden binnen zijne muren gehouden en meermalen vereerd met koninklijk bezoek.

Ieder erkent thans volmondig het nut, de noodzakelijkheid en de onontbeerlijkheid, voor Amsterdam, van het „Paleis voor Volksvlijt", dat dan ook terecht in den volksmond „het Volks-Paleis" heet.

Een boekdeel zou te schrijven zijn van al het nuttige en goede, dat deze Nederlander in het belang der Maatschappij heelt tot stand gebracht, zonder eigenbelang op den voorgrond te stellen. Maar dat alles te vermelden zoude in strijd zijn met zijn karakter en principe, hij toch is wars van huldebetoon.

Dit heeft hij bewezen, toen een groot aantal kiezers te Amsterdam hem in district IV in 1901 tot candidaat voor de Tweede Kamer proclameerden. Hoewel de heer van Hall eerst had geweigerd de aangeboden candidatuur te aanvaarden, wisten eenige vrienden hem tot andere gedachten te brengen. Dat hij toen niet de meerderheid

Sluiten