Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verwijlen. Behalve de schilderijen bewaarden de schutterijen in hare doelens haar sieraden, zilver, kopsr en tinnewerk.

\ an die der Handboog- en \ oetboogschutters bestaat een imentaris van het jaar 1540. Die van de Kolveniers ontbreekt. De stukken van de grootste waarde waren de drinkhoorns, die nog berusten in ons Rijksmuseum. De schoonste is die van de Voetboogschutterij, die afgebeeld is op de Schuttersmaaltijd van ^ an der Helst. De drinkhoorn der Kolveniers is ouder en eenvoudiger. Hij is gemerkt Amsterdam C; en moet dus van 1526 of 1547 zijn, vermoedelijk van het eerste jaar. Het zilveren voetstuk is een boom, waartegen een leeuw en een draak opstaan. De hoorn is omvat door opengewerkt ornament, waarin het wapen der stad en dat der schutterij elk tweemaal voorkomenMiddenop staat een leeuw, mondstuk en punt zijn met zilver beslagen en het fluitje is een drakenkop.

Wat de schilderijen betreft, zoo willen wij slechts het een en ander aanstippen omtrent de meest vermaarde stukken, er van af ziende ze te volgen op al hunne zwerftochten vóór ze in behouden haven kwamen op ons Rijksmuseum of op ons tegenwoordig Raadhuis.

\ an de Nachtwacht van Rembrandt, die zooals ieder weet deel uitmaakte van de verzameling schilderstukken in de Kloveniersdoelen wil ik alleen zeggen, dat zij in het jaar 1715 van daar verhuisde naar het stadhuis, terwijl ik over de aanleiding tot deze overplaatsing later het een en ander zal vermelden.

Aan ge\ aren van allerlei aard hebben de doeken blootgestaan, \ooral in den tijd toen meubilaire veilingen in het gebouw gehouden werden, waarbij het nog al eens rumoerig toeging. Zoo vreesde men voor het behoud van Govert Flinck's werk, en ook van andere, en men liet ze in het midden der 18= eeuw voorzichtigheidshalve eerst naar burgemeesterskamer op het Stadhuis op den Dam overbrengen, van waar ze later verhuisden naar het Prinsenhof.

Op het genoemde in 1642 door Govert Flinck geschilderde doek ziet men ten voete uit afgebeeld, en gezeten aan een tafel Albert Koenraadszn. Burch, Jan Vlooswyck, I'ieter Reael en Jacob Willekens.

Sluiten