Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

2. Ribbenademhaling, ook zijdc-adem.cn geheeten. Hierbij worden de onderste ribben naar buiten bewogen; ook dan dringt de lucht diep in de longen door.

3. Sleutelbeensademhaling heeft plaats, als de bovenste ribben zich naar boven bewegen. Daarbij dringt alleen in de toppen der longen lucht. Vooreerst is dit nadeelig voor de gezondheid, en ten tweede worden zangers, die deze ademhaling aanwenden, spoedig vermoeid en geven door bewegingen, vooral met de schouders, een alles behalven aangename aanblik: men ziet hen aan, dat zij met moeite zingen.

De sleutelbeen sadanhaling is dus onvoorwaardelijk af te keuren.

Voor den zanger is niet alleen veel lucht noodzakelijk, maar hij moet ook meester van de lucht zijn, d. i. ze krachtig of zeer langzaam kunnen laten uitstroomen. Daarom wendde hij de ribben- en middenrifsademhaling samen aan, en ademe uit door een langzatnc samentrekking van buik- en borstspieren. Kan de zanger met weinig lucht volstaan, dan is het mindenrif-ademhalen voldoende. Daar het middenrif niet snel kan bewogen worden, moet bij het zingen van vlugge passages het ribben-ademen aangewend worden. Zooveel mogelijk echter worden de bovenste ribben steeds in rust gehouden.

Een goede ademhaling is voor den zanger van het hoogste belang. Daarom zij hem langdurige oefening aanbevolen.

Waar ademgehaald moet worden, blijkt gewoonlijk uit den tekst; natuurlijk geschiedt het bij de rusten.

Sluiten