Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

het oorspronkelijk wit-gloeilicht langzamerhand tot rood-gloeilicht. De kleur van een vloeibaar of vast lichaam in gloei-toestand wijst rechtstreeks zijn warmtegraad uit. Zoo begint het rood te gloeien bij 525 graden (Celsius); een helder kersroodgloeiendlichaam, onverschillig uit welke stoffen het bestaat, heeft een temperatuur tusschen 800 en 1000 graden. Een geel stralend een van ongeveer 1200 graden en de witte gloed begint 1500 graden. Nu treffen wij aan den hemel sterren aan van alle kleurschakeeringen, vanaf het diepe robijnrood tot aan de blauwachtige kleuren, die den hoogsten hittegraad aanduiden Er zijn alzoo metterdaad in het heelal lichamen van alle mogelijke temperaturen en het is voor onze zienswijze zeer gewichtig, dat zich juist onder de veranderlijke sterren de meeste roode bevinden, omdat de oorzaken der veranderlijkheid, waarvan we hierboven spraken, zich eerst kunnen voordoen in de laatste stadiën van het afkoelingsproces der gloeiende oppervlakte.

Het hemellichaam wordt langzamerhand meteen vaste korst overdekt, die nog maar weinig eigen licht uitstraalt. Daarboven hoopt zich een dichte atmosfeer van gassen op, die door de slakkenoppervlakte uitgestooten worden of ook wel uit hetinwendigesteeds weer te voorschijn moeten komen. Vaak zal ook een groot schollengebied weer breken en overstroomd worden door de gloeiende lava; er ontstaat dan een meer van gloeiend gesteente, waarover zich eerst na langen tijd weer langzaam een korst vormt. Zulk een lichaam zal, op een overeenkomstigen afstand gezien, nauwkeurig denzelfden indruk geven als op ons de planeet Jupiter maakt. Van die planeet zien wij alleen de bovenste lagen van zijn atmosfeer, evenals bij de zon. Daar Jupiter zeer snel 0111 zijn as draait, verdeelen de wolken zich duidelijk waarneembaar in zones. In een dezer zones verscheen omstreeks het jaar 1870 een groote roode vlek, die zich aanvankelijk slechts door een matten schijn verried, daarna echter snel een meer intensieve kleur aannam, 0111 zeer langzaam weer te verbleeken, doch ze is

Sluiten