Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dringende koude der wereldruimte. Deze grijpt het vaste pantser natuurlijk veel krachtiger aan dan vroeger de gloeiend-vloeibare massa's en zoekt het samen te persen.

Het omhulsel wordt te eng voor den wereldbol; het barst en laat het gloeiende magma overstroomen. De schollen zinken dieper, daar zij gewoonlijk alleen daar nog vastgehouden worden, waar de gebergten wederstand bieden. Er ontstaan daar tusschen in kommen, de toekomstige zeebekkens. Steeds minder vast hangen bij dit neerzinken de schollen aan die omhooggeworpen verbindingsplaatsen en ten slotte scheurt zulk een vasteland over zijn geheele lengte af. Het scheurt af langs de oude breuklijn, terwijl daar tegenover de andere schol blijft staan en een muur van gebergten vormt, die stijl afsteekt tegen het gevormde bekken. Zulk een afscheuring heeft eenmaal plaats gehad langs de geheele keten der Andes, echter in een tijd, toen deze bekkens reeds lang gevuld waren door uitgestrekte zeeën.

Toen nog in de eerste tijden van de vorming der aardkorst zulke groote doorbraken voorkwamen, zullen wel heele zeeën van magma gestroomd zijn over een uit meer vuurvaste stoffen gevormde oppervlakte en daar lang zijn blijven bestaan. Er ontstonden dus uitgestrekte bekkens, gevuld met gloeiend-vloeibare massa's, die door een vaste aardkorst gescheiden waren van het eigenlijke magma in het binnenste der aarde. Ook op deze gloeiend-vloeibare zeeën onstond nu langzamerhand een korst, gelijk er zich over een meer een ijslaag kan vormen. Zoo ontstonden er lagen van kristalgesteenten, die een horizontale ligging en structuur vertoonen, gelijk deze zich in het oergesteente vaak op zeer merkwaardige wijze voordoen en op zichzelf reeds deden vermoeden dat die gesteenten evenals de er bovenop rustende „sedimentaire lagen" wel ontstaan konden zijn door bezinking indeeigenlijke zeeën. Naar de meening van de Parijsche maanonderzoekers Loevy en Puiseux zijn de groote „zeeën" op de maan op deze wijze gevormd. Ook

Sluiten