Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zelfs de minste kiem van leven, wanneer die in de oerstot aanwezig geweest mocht zijn, reddeloos vernietigd moesten hebben?

Door oerteelt? Dit is wel de moeielijkste vraag waar wij ons mee bezig moeten houden. Bölsché staat op het standpunt dat een oerteelt, d. w. z. het het ontstaan van een eerste organische cel uit de zoogenaamde anorganische stoffen, plaats gehad heeft op de aarde en wel op het oogenblik dat dit mogelijk was, dat dus de voorwaarden voor organisch leven: een bepaalde temperatuur, water, lucht, enz voorhanden waren. De groote moeielijkheid hierbij is dat wij aan het levende tot dusver een grondt ïgenschap toekenden, waardoor het zich onderscheidt van de gestalten der z.g. doode natuur, en wel naar het a thans velen toeschijnt, door een onoverbrugbare klove: het beginsel van het gevoel. Alle uiterlijke verschijnselen der levende natuur kunnen wij afleiden uit bewegingen, scheikundige processen enz of zien daar althans de mogelijkheid van in! doch het gevoel het bewustzijn, dat noodwendig reeds in de allerlaagste levende wezens op overeenkomstig elementaire wijze voorhanden moet zijn dit laat zich nooit of te nimmer verklaren uit bewegingen. Bölsche e.a. behelpen zich nu hiermede dat zij ook reeds aan het levenlooze van begin af aan de mogelijkheid van gevoel toekennen, zoodat er eigenlijk mets levensloos is in de wereld. Nu 'njgt het leven, het gevoel eerst onder zeer bepaalde voorwaarden den vorm, waarin wij het kennen. Dus ook de steen, waarop ik trap, zou deze slechte behandeling mijnerzijds in zekere, hoewel zeer geringe mate ondervinden. Hij bezit echter nog geenerlei orgaan, om dit gevoel te uiten, gelijk de plant dat middenproduct van levensontwikkeling in dezen zin, daarvoor maar heel onvolkomen organen bezit, zoodat men ook haar langen tijd voor totaal gevoelloos gehouden heeft. Er is tegen deze bewering niets te zeggen: de mogelijkheid ervan kan althans niet weerlegd worden. Men kan

Sluiten