Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Het was in dezen tijd, dat ook die geweldige verschuivingen der aardschollen plaats grepen, waarvan wij reeds vroeger spraken, dat de meeste groote bergketens van den tegenwoordigen aardbol ontstaan voor een deel onder uitbarstingen van heele rijen vulkanen en het geografische beeld van onze aarde op dat van nu begon te lijken.

In den strijd niet zulke ingrijpende revoluties moest ook de levendige natuur zich wezenlijk vervormen. Under de planten zien we nu de bloeiende gewassen zich krachtig ontwikkelen, een bewijs dat er zonneschijn was en een lente. In de eerste tijden van de tertiaire periode kwamen deze gewassen, die heden Hoofdzakelijk in de gematigde zones thuisbehooren nog vermengd met tropische voor; er heerschte toen in onze streken minstens nog een subtropisch klimaat dat zich uitstrekte tot ver over den tegenwoordigen poolcirkel. Ik heb in tertiaire gesteenten op Spitsbergen, waar drie maanden van het jaar de zon niet opgaat en als eenig vertegenwoordiger der loofgewassen een onder mos wegschuilende, tot nietig onkruid ineen geschrompelde berk voorkomt, zelf het groote fraaie blad gevonden, dat op bl. 86, afgebeeld is. Doch uit de overblijfselen in de hoogere lagen van het tertiair gesteente blijkt duidelijk datde temperatuurverhoudingen en de grenzen der zones steeds meer overeen begonnen te komen met de tegenwoordige. Alles drong reeds onzen tijd tegemoet.

Overeenkomstig onze beschouwingen op bl. 84, trad nu het vreeselijke hagedissengeslacht zeer op den achtergrond, en de warmbloedigen ontwikkelden zich daarentegen tot in het reusachtige. Onder deze eerste zoogdieren ontmoeten wij derhalve in den beginne met minder ontzettende monsters dan die uit de Juraperiode waren. Men zie de op bl. 88 en 90 afgebeelde schrikwekkende gedaanten maar eens aan! Aanvankelijk blijkt nog weinig gelijkenis met de schepselen van den tegenwoordigen tijd, maar ook hier ziet men in de latere tijdperken van de tertiaire formatie stap voor stap een toenadering.

Sluiten