Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

altijd vriendelijk, lachend; integendeel, vaak is hij grimmig of snijdend. Nooit echter op effect berekend; de dag moet nog altijd komen, dat deze onverbeterlijke „storie"-verteller en luimige opmerker zich aan een komiekigheid of piasserij schuldig maakt. Ziehier een staaltje van grimmigen humor. Ondanks de zware straffen, die er op stonden, had een veldkornet weer eens zijn positie ergens aan de Drakensbergen verlaten zonder daartoe het bevel te hebben afgewacht. Na afloop van den strijd liet de Wet den schuldige bij zich komen. Daar daalt de gevreesde sjambok op den rug van den ongehoorzame neder, terwijl de Wet hem ernstig aanziende deze toelichting geeft: „Ik ben jammer; ik moet het doen. Maar ik ben het niet die je slaat, Lel is de wet."

Niet minder teekenend is het antwoord, dat Oom Christiaan zijn burgers eens gaf in Transvaal, tijdens den meergemelden vermaarden tocht daarheen in 1900. De burgers hadden weer een bui van beuheid van het eeuwige trekken en jagen, zich openbarende in de stereotiepe vraag: „Waar retireer ons nou nog?" Op een goeden dag, toen het gejank hem de keel begon uit te hangen, bevredigde de Wet de heerschende weetgierigheid met dit bescheid: „Wij retireeren nu naar een plaats, waar jelui aan den eenen kant in den muil van een leeuw en aan den anderen in de Engelsche bommen springt, wanneer jelui retireeren wilt." Met dien eenen kant, waar de leeuwen gereed stonden de „retireerenden" te recipieeren, doelde hij op noordelijk Transvaal, waar deze dieren nog huizen. In het werk van een ongenoemden Duitscher: Steyn, de Wet und die Oranje Freistaater, in van Warmelo's boek, bij Philip Pienaar en vele andere schrij vers, die over de Wet spreken, kan men verder staaltjes van de Wet's humor, ook van meer vriendelijke, in overvloed vinden.

De Wet heeft een bizonderen karaktertrek, die zijn beide broeder-generaals nooit in die mate heeft gekenmerkt: hij is bepaald anti-Engelsch gezind en was dit al vóór den oorlog, wat meer zegt. Want niemand zal wel gelooven, dat de la

Sluiten