Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ten worden in het leven geroepen, geheel vanwege de Regeering, en noemde de voorstelling, dat die veel sleehter en veel kostbaarder zouden zijn dan de bestaande koloniën, niet gewaagd.

Ten slotte deelde hij zijne meening mede omtrent de oplossing der zaak.

Het voorstel van den heer Ackersdijk was, dat de rekening van de Maatschappij van Weldadigheid nauwkeurig zou worden opgemaakt, dat alle betalingen, uit 's Rijks kas tot nog toe aan haar gedaan, onder welke benamingen ook, in eene wet zouden worden goedgekeurd en daardoor alle vroegere zoogenaamde contracten en besluiten worden vervangen; dat alle schulden der Maatschappij, haar te kort nauwkeurig bepaald zijnde, door het Rijk zou worden overgenomen, en het Rijk tevens, 'met goedkeuring van het Bestuur der Maatschappij als eigenaar worden beschouwd van alles, wat door de Maatschappij aangekocht en tot stand gebracht was.

De vrije koloniën moesten daar buiten blijven.

Wat de Utrechtsche hoogleeraar zoo voorstelde werd wel niet in 1843, maar toch in 1859 nagenoeg verwezenlijkt.

De Maatschappij was in de jaren van 1840 tot 1859 niet gelukkig.

Den 28 Januari 1844 stierf de stichter en de ziel der Maatschappij, generaal v. d. Bosch.

De rentelast, die bij de schikking van 1843 op haar bleef drukken, was veel te hoog; de oogsten vielen tegen, de fabrieksarbeid gaf niet de verwachte voordeelen en ondanks aanzienlijke bijdragen, die de Regeering weder boven de verplichte uitkeeringen schonk, en niettegenstaande de 5'A, 5 en 47* 7o leeningen in eene 4°,o veranderd werden, bleek de toestand hoe

Sluiten