Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hot eten wordt met stoom gekookt in ketels, ingericht naar het stelsel-Bernard. Deze ketels hebben een dubbelen wand; tusschen beide wanden bevindt zich water, dat tot stoom overgaat. Een buis in het midden van den ketel mondt door den bodem in de ruimte van den dubbelen wand en wel in den buitenwand uit. Daardoor wordt niet alleen de spijs in den ketel ook in het midden verwarmd, maar bovendien geeft de buis gelegenheid om er vlampijpen door te leggen, waardoor de steenkolengassen en de rook naar den schoorsteen gevoerd worden.

Ongelukken kunnen hier nooit plaats hebben. Behalve de gewone veiligheidskleppen, bevindt zich aan iederen ketel een ijzeren buis van ruim 5 M. hoogte, waarvan het eene uiteinde beneden den waterspiegel in den dubbelen wand staat en het andere boven in de keuken uitkomt.

Als nu de stoom oververhit en daardoor de spanning te groot wordt, dan wordt door die spanning het water uitgedreven en kan de stoom ontsnappen.

Het uitspuiten van het water is een teeken, dat men den ketel moet afkoelen en voor nieuwen wateraanvoer moet zorgen.

De binnenruimte tusschen de buis in het midden van den ketel en de binnenste der twee wanden, dient tot bereiding der spijzen, die aldus over de geheele ondervlakte aan de buitenzijde en in het midden verwarmd worden.

Het keukenpersoneel bestaat uit een ambtenaar-kok, die voortdurend toezicht houdt, en bij ontstentenis door een zaalopziener (ook ambtenaar) wordt vervangen; voorts eenige verpleegden-koks en verpleegdenhelpers.

Sluiten