Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

afscheiding tusschen licht en donker moet zeer scherp zijn.

Ziet men bij schudden van het ei een waterige massa bij die afscheiding, waardoor het afscheidende vlies heen en weer beweegt, dan is het kuiken afgestorven.

De eieren, waar men bij de eerste schouwing aan twijfelde, zullen nu duidelijk blijken niet verder te zijn ontwikkeld en moeten worden verwijderd.

10. De temperatuur, aangevangen bij 39" C. of 103" F ., gemeten aan de bovenzijde van een ei, houde men zoo tot op den 20itt,n dag. Er wordt bij deze temperatuur verondersteld, dat het verschil tusschen boven- en onderzijde van de eieren ongeveer 2" C. bedraagt, waaruit dus volgt dat het midden van het ei ongeveer een temperatuur heeft van 38' C. Dit is dan ook de temperatuur, die men in het midden van een normaal bebroed ei vindt. Wanneer het verschil in temperatuur tusschen boven- en onderzijde echter meer bedraagt, bijv. 4" C. (hetgeen zeer veel voorkomt, vooral in een koude omgeving), dan is de ////VMv/temperatuur van het ei ongeveer 37° C. en de temperatuur aan de onderzijde ongeveer 35" C. Dit nu is voor beide temperaturen te laag en zal dus, niettegenstaande men zorgt dat de temperatuur aan de bovenzijde juist is, de bebroeding toch geen normaal verloop hebben. Tevens moeten wij opmerken, dat, wanneer bij zeer warm weder de temperatuur aan de onderzijde weinig of niets verschilt met die der bovenzijde, de middentemperatuur alsdan ongeveer 39° C. zal zijn; hierdoor zal de ontwikkeling te snel plaats hebben. Het is dus niet voldoende de temperatuur alleen aan de bovenzijde te meten, maar men lette ook wel degelijk op de temperatuur aan de onderzijde.

Op den 20™ dag, dus tegen het uitkomen, late men de temperatuur stijgen tot 40° a 40'/20 C. of 104° a 105° F.; dit bevordert het snelle uitkomen.

Men meet de temperatuur boven een ei, waarvan men zeker weet, dat liet bevrucht is en dat zich normaal blijft ontwikkelen. De temperatuur van onbevruchte eieren of waarvan de kiem is afgestorven, is ongeveer 1 " C. lager.

Het verlagen der temperatuur geschiedt door het aandraaien der stelschroef van de thermostaat.

Men volge voor deze manipulaties de aanwijzing van den fabrikant.

Sluiten